Waar werken we aan?
Binnen Ergotherapie Nederland zijn adviesraden, commissies, overleggroepen en werkgroepen actief. Met al deze groepen werken we samen om tot producten te komen die ergotherapeuten ondersteunen en bij de uitoefening van het beroep. Deze ‘producten’ vinden de leden terug in de vorm van concrete handreikingen en richtlijnen, informatie op de website (kennisplatform), artikelen in het Ergotherapie Magazine en in de scholing van de Ergo Academie. Maar het gaat ook om minder tastbare activiteiten, zoals de profilering van het beroep en collectieve belangenbehartiging.
In het meerjarenplan 2026-2028 zijn de volgende 6 speerpunten beschreven waaraan we werken:
1. Positionering van ergotherapie
• Ergotherapie en haar waarde zijn stevig verankerd in de Nederlandse gezondheidszorg en sociaal domein doordat zij zichtbaar zijn in beleid en zorgakkoorden, waarmee ergotherapie voor ieder individu en populatie toegankelijk is, passend en betaalbaar is.
• Ergotherapeuten worden met de andere paramedische zorgprofessionals gezien als onmisbare schakel in het realiseren van de doelstellingen van het Integraal Zorgakkoord, AZWA, Hoofdlijnenakkoord Ouderenzorg en Visie Eerstelijnszorg 2030.
• Ergotherapie Nederland levert een aantoonbare bijdragen aan de uitvoering van het Integraal Zorgakkoord, AZWA, Hoofdlijnenakkoord Ouderenzorg en Visie Eerstelijnszorg 2030.
• Kansrijke ergotherapeutische interventies (zoals Valpreventie, Zeker Blijven Lopen, Reablement) worden landelijk erkend en opgenomen in relevante programma’s.
2. Regionale samenwerking
• Ergotherapeuten zijn in alle regio’s vertegenwoordigd in een monodisciplinair of paramedisch samenwerkingsverband.
• Ergotherapeuten hebben (direct of in paramedisch verband) een structurele positie in de regionale eerstelijnssamenwerkingsverbanden (RESV’s), hechte wijkverbanden en IZA-tafels, en ontvangen daarvoor een adequate vergoeding.
• Regionale (bestuurs)leden worden door EN ondersteunt met tools en scholing om effectief deel te nemen aan de regionale samenwerkingsverbanden.
• De 9 regionale ergotherapie netwerken (REN’en) vormen een netwerk voor alle ergotherapeuten in de regio met minimaal 1x per jaar een fysieke ontmoeting. De REN draagt met haar bijeenkomsten bij aan kennisdeling en toepassing over kwaliteit(sinstrumenten), competenties, (landelijke) ontwikkelingen, ontwikkelingen in wet- en regelgeving en regionale samenwerking.
3. Arbeidsmarkt en beroepsontwikkeling
• Het beroepsprofiel ergotherapie zoals opgesteld in 2023 is breed geïmplementeerd in onderwijs en praktijk.
• EN ontwikkelt een toekomstperspectief voor de drie specialisaties (kind, hand, ouderen) die van grote betekenis zijn voor identiteit en kwaliteit van het beroep, maar door relatief kleine aantallen kwetsbaar zijn.
• EN ontwikkelt een cursusaanbod dat bijdraagt aan de ontwikkeling van de beroepskennis en competenties van de ergotherapeut en werkt daarbij nauw samen met de hbo-opleidingen, docenten en onderzoekers.
• 80% van de ergotherapeuten in opleiding is lid van EN en zij worden gefaciliteerd in hun stappen naar uitoefening van het beroep ergotherapie.
• EN draagt – waar van toepassing via FBZ – bij aan goede arbeidsvoorwaarden en -omstandigheden en een loopbaanperspectief zodat ergotherapeuten met plezier blijven werken in een aantrekkelijk beroep.
• Praktijkhouders en medewerkers in de eerstelijnszorg ontvangen voor hun inzet een passende vergoeding/ salaris.
4. Innovatie en digitalisering
• EN faciliteert en stimuleert ergotherapeuten om digitaal vaardig te zijn, veilig om te gaan met AI-tooling en digitaal te werken.
• EN realiseert de randvoorwaarden zodat ergotherapeuten basisdata kunnen verzamelen en gestandaardiseerd gegevens kunnen uitwisselen om samenwerking te bevorderen, kwaliteit transparant te maken en administratieve lasten te verminderen, en ondersteunt bij de implementatie.
• EN vergroot de digitale interactie met leden door het magazine zowel fysiek als digitaal aan te bieden en doorzoekbaar te maken en door de website te herzien.
5. Passende zorg
• EN stimuleert de ontwikkeling van kwaliteitsinstrumenten die passend zijn bij het beroepsprofiel en passend bij de stand van wetenschap en praktijk.
• Richtlijnontwikkeling en -onderhoud is duurzaam georganiseerd en gefinancierd, in samenwerking met paramedische beroepsverenigingen.
• EN faciliteert onderzoek en implementatie van passende zorg met impact op mens en samenleving, inclusief (evaluatie van) kosteneffectiviteit.
• EN versterkt de samenwerking met hogescholen en universiteiten om ergotherapie te positioneren binnen passende zorg. De bijzondere hoogleraar heeft daar een belangrijke rol in, naast andere samenwerkingen.
• EN stimuleert onderzoek en verbindt (internationale) onderzoekers in aansluiting op de Kennisagenda Ergotherapie zoals opgesteld in 2024.
• EN werkt samen in (multidisciplinaire) overleggroepen zoals de werkgroep zorg en ondersteuning vanuit de Visie Eerstelijnszorg, bijvoorbeeld over het MDO.
• EN streeft naar een governancemodel waarin de beroepsverenigingen opdrachtgever zijn van het Kwaliteitsregister Paramedische zorg (KP) en KP de excellente, onafhankelijke uitvoerder is.
6. EN als netwerkvereniging
• EN vormt één team waarin beleidsadviseurs, communicatieadviseurs, opleidingsadivseur en ondersteuning elkaar versterken — met als doel meer focus, lagere werkdruk en meer consistentie in uitvoering.
• EN ondersteunt de waardevolle vakgroepen, adviesraden en commissies binnen realistische grenzen. Doel is professionalisering, duidelijkheid en beheersbaarheid.
• EN voert scherpere prioritering door om de werkdruk van de organisatie te verminderen en de impact van het werk te vergroten. De keuzes zijn helder en uitvoerbaar.
• EN is een financieel gezonde vereniging met een stabiele reserve en een weerstandsvermogen conform door ALV vastgestelde norm.
• EN zoekt brede paramedische samenwerking op voor politieke beïnvloeding en positionering.
• EN trekt met paramedische partijen op rondom richtlijnen, projecten, passende zorg en financieringsvraagstukken. Backoffice-samenwerking wordt aangegaan met organisaties met vergelijkbare schaal en cultuur.
• De dienstverlening aan leden is op basis van een behoefteonderzoek verbeterd met een samenhangend pakket van producten, scholingen en tools voor professionalisering en ondernemerschap.
• 30% van de studentleden wordt het eerste jaar na afstuderen lid van EN

