De rol van ergotherapeut in de eerste lijn groeit: we zijn essentieel voor preventie en substitutie van (duurdere) zorg, chronische zorg en zorg rondom kwetsbare patiëntgroepen, denk aan kwetsbare ouderen. Inhoudelijke thema’s voor de RESV’s (en dus kansrijk) komen voort uit het integraal zorgakkoord, het AZWA en de regioplannen en –beelden. Daar kun je als monodisciplinair samenwerkingsverband met elkaar over in gesprek gaan.

Wat kan een ergotherapeut bijdragen?

  • De ergotherapeut brengt expertise in op het gebied van dagelijks functioneren, participatie, zelfredzaamheid en de wisselwerking tussen persoon, activiteit en omgeving.
  • De ergotherapeut signaleert vroegtijdig problemen in functioneren thuis, op school, op het werk of in de wijk en helpt escalatie en zwaardere zorg voorkomen.
  • De ergotherapeut denkt mee over passende zorgpaden voor mensen met complexe of langdurige ondersteuningsvragen, bijvoorbeeld ouderen, mensen met neurologische aandoeningen, chronische pijn, dementie of valrisico.
  • De ergotherapeut adviseert over hulpmiddelen, woningaanpassingen, energiemanagement, belasting-belastbaarheid en het uitvoeren van betekenisvolle activiteiten.
  • De ergotherapeut draagt bij aan samenwerkingsafspraken over verwijzing, triage, consultatie, casusoverleg en warme overdracht tussen zorg en sociaal domein.
  • De ergotherapeut levert praktijkinformatie aan over knelpunten in toegankelijkheid, wachttijden, kwetsbare doelgroepen en mogelijkheden voor preventie en substitutie van zorg.

We noemen de belangrijke thema’s waar ergotherapeuten in kunnen bijdragen: 

Valpreventie

samen met huisarts, wijkverpleging, fysiotherapeut, apotheker en specialist ouderengeneeskunde bijdragen aan multifactoriële valpreventie, bijvoorbeeld door screening van risicofactoren, advies over veilig handelen in huis, persoons-omgevingsinterventies, hulpmiddelenadvies en ondersteuning bij het volhouden van interventies.

Kwetsbare ouderen thuis

samen met wijkverpleging, huisarts, fysiotherapeut en sociaal domein werken aan behoud van zelfstandigheid, veilig functioneren, dagstructuur, mantelzorgondersteuning en het voorkomen van crisiszorg of onnodige opname.

Dementie en cognitieve problematiek: samen met casemanager dementie, huisarts, wijkverpleging en welzijn ondersteuning bieden bij dagelijkse routines, prikkelverwerking, omgevingsaanpassingen, belasting van mantelzorgers en participatie in de thuissituatie.

Chronische aandoeningen

samen met fysiotherapeut, logopedist, diëtist, verpleegkundig specialist of medisch specialist werken aan zelfmanagement, energiemanagement, activiteitenspreiding, participatie en het behoud van regie in het dagelijks leven.

Herstel/ revalidatie Niet aangeboren Hersenletsel

Herstel na ziekenhuisopname of revalidatie

Samen met transferverpleegkundige, wijkverpleging, fysiotherapeut en huisarts zorgen voor een goede overgang naar huis, inclusief beoordeling van de thuissituatie, hulpmiddelen, training in dagelijkse handelingen en afstemming over vervolgzorg.

Arbeid en participatie

Samen met bedrijfsarts, praktijkondersteuner, maatschappelijk werk of gemeentelijke ondersteuning bijdragen aan terugkeer naar werk, belastbaarheidsopbouw en deelname aan maatschappelijke activiteiten.

Jeugd en gezin

Samen met jeugdarts, kinderfysiotherapeut, logopedist, onderwijs en wijkteam ondersteunen bij zelfstandigheid, sensorische prikkelverwerking, schoolse vaardigheden en afstemming tussen thuis, school en zorg.

Welzijn en sociaal domein

Samen met welzijnsorganisaties, Wmo-loket, maatschappelijk werk en buurtteams verbinding leggen tussen zorg, ondersteuning, hulpmiddelen, woningaanpassingen en betekenisvolle daginvulling.

Doelgroepen die vanuit het IZA worden genoemd zijn:

  • Mensen met beperkte gezondheidsvaardigheden;
  • Mensen met een psychische aandoening;
  • Mensen met (risico op) hart- en vaatziekten;
  • Mensen met (risico op) kanker;
  • Ouderen met een kwetsbare gezondheid.